2 december
Vandaag even een rustdagje. De auto en onszelf weer even laten rusten van de lange weg door de outback. Auto opruimen, wasje draaien, beetje rommelen, je kent ’t wel, lekker rustig an. Rond 18 uur zijn we de auto ingestapt om een wandelingetje langs de haven van Darwin te maken en ergens wat te eten. Mooie haven waar een reusachtig cruiseschip voor anker lag. Aan eetgelegenheden zat er niet veel, dus liepen we het centrum in. In de verte kwam er een dikke storm aan en het begon uit het niets heel hard te waaien. Nog net op tijd konden we in een winkelcentrum schuilen voor de dikke spetters. We wilden ergens goedkoop en makkelijk eten, dus 3x raden waar we naar binnen stapten…;-) De lucht was pikzwart, maar het was droog. Een wandelingetje teug naar de auto en op de camping nog wat gedronken voor het slapengaan.


3 december
We hadden de boekjes en folders over Darwin nog eens nagekeken wat er te zien en te doen was. Behalve 2 dierenparken met crocs, een botanical garden en een oorlogsmuseum met vliegtuigen was er niet zoveel bijzonders. We besloten daarom naar een ander stadje, Palmerston, vlakbij Darwin te rijden. We hadden afgelopen nacht allebei erg slecht geslapen vanwege de hitte. Het was gaan regenen dus de ramen moesten dicht :-( Het was makkelijker om nog een nachtje bij te boeken, maar we wilden graag verder. Op zoek naar een parkje of camping om een dutje te doen dus. Een parkje hadden we vrij snel gevonden, maar daar liepen overal mieren. De camping had z’n receptiedeuren net gesloten en zou pas om 15 uur weer open gaan. We hebben dus maar wat rondgereden, boodschappen gedaan en om 15 uur stonden we weer bij de receptie. Plekje uitgezocht, stoeltjes neergezet en eerst even een koud gerstennat gedronken. Na de auto te hebben omgebouwd hebben we ook nog even 2 uurtjes slaap gepakt.

Na een verfrissende duik in het (zoutwater) zwembad, hebben we bij de auto maar op ons eigen gasstelletje gekookt, want de keuken was een beetje vies. Het was al donker en de hemel stond vol sterren. Ook zagen we melkweg dachten we! Hoe dan ook, het zag er mooi uit, heel veel sterren bij elkaar in een soort slurf. WJ had een mooie oplossing verzonnen waardoor de achterklep ’s avonds op een kier open bleef staan. Klamboe erover en we hadden iets meer frisse lucht ’s nachts terwijl de ongewenste (kleine) bezoekers door de klamboe werden tegengehouden.

4 december
Ondanks dat de klep een stuk had opengestaan, was het een erg broeierige nacht geweest. WJ dook in het zwembad en  Melin lag nog een beetje wakker te worden. Vandaag gingen we richting Kakadu National Park, zo’n 150km ten zuid-oosten van Darwin. Jabiru is een standaard stopplaats waar een infocenter zit en waar je boodschappen kunt doen. Daarvoor zitten voornamelijk wat 4x tracks en uitkijkjes. Bij het infopunt halverwege riching Jabiru bij het Aurora Kakadu resort hebben we onze toegangspassen gekocht a 25 dollar p.p., de pas is 14 dagen geldig. We stopten onderweg bij een vogelspotplatform om, eh ja, vogels te kijken. Er is daar ook een wandeltrack om het water heen. Maar overal waar water is, kunnen krokodillen zitten. Er stond een bordje dat er in deze buurt krokodillen dichtbij walkingtracks waren gezien. Ja dahag, daar gaan wij dus niet lopen. Het platform was volgens de info geen probleem, maar met de gedachte dat er hier langs het pad krokodillen zijn gezien, nee bedankt. We zijn dus omgekeerd, slap he, haha!

In Jabiru zijn we eerst bij het Bowali Visitor Center naar binnen gestapt. Een centrum vol informatie over Aboriginals en een infodesk waar je vragen kon stellen over routes, krokodillen, het weer en nog veel meer. Zo hebben we even met de man achter de balie gekletst en wat tips gekregen. Vooral Ubirr, 4km ten noorden van Jabiru, zou prachtig zijn tegen zonsondergang. Dat was vlakbij een campground waar we dan zouden kunnen overnachten. Ubirr was inderdaad prachtig! Eerst een wandeling langs verchillende aboriginal rotskunst en daarna de rotsen beklommen voor een schitterend uitzicht over de wetlands, een soort uiterwaarden zeg maar. De zon was aan het dalen end e kleuren waren supermooi!

Een paar km terug lag Cahills Crossing. Hier was een platform met uitzicht over de Alligator River, oftewel…. krokodillen. wJ wilde er wel graag heen nu het nog een beetje licht was en de kans bestond dat we er nog een konden spotten. We hadden ook besloten om in Jabiru te overnachten en anders zouden we morgen weer deze kant op moeten voor de crocs. Het was al aardig aan het schemeren en het hart klopte Melin in de keel want er stond natuurlijk weer een pas op voor crocs bordje. De vleermuizen vlogen ons om de oren en al sluipend en kruipend kwamen we bij het platform aan. Het is Melin een raadsel dat ze niet s omgedraaid ;-) Maar de moeite werd beloond… na ja, ’t is natuurlijk hoe je het bekijkt. WJ zag aan de overkant van de rivier een krokodil liggen met z’n bek wijd open! Helaas was het te donker voor een goed filmpje of scherpe foto, maar we hebben er 1 in het wild gezien!

In het stikdonker terug naar Jabiru en daar een camping gevonden. We hadden geen zin meer om te koken, dus het werden kant en klare noodles. Tijdens het ophangen van de klamboe aan de achterklep scheen Melin WJ een lichtje bij. Toen de klamboe vastzat en ze zich omdraaide, liep er op nog geen meter afstand een dingo weg! Zo dichtbij! Melin riep WJ, maar de wilde hond was al weg. Ze dacht nog dat het een hond van de camping was, dingo’s komen toch niet zo dichtbij? Of wel? Melin had uiteraard een onrustige nacht, want de klep hielden we wel open. We sliepen met de hoofden naar de klep zodat we de meeste frisse lucht voelden. Niet dat er veel wind stond, maar toch. Midden in de nacht, WJ lag te ronken, hoorde Melin gesnuffel. Toen ze opkeek zag e een staart naar de zijkant van de auto verdwijnen. Ze keek door het raam en daar stond de dingo naast de auto! Hij snuffelde even aan het lampje wat we buiten hadden laten staan en liep toen verder. Melin wilde de dingo zeker wel in het wild zien, net zoals WJ een croc wilde zien. Nou, alllebei happy. Met een beetje kippenvel dan ;-)

5 december
Het begon vadaag al lekker warm en klam. Bij de minste beweging zweette je al. Net toen we gingen ontbijten in de campkitchen waar nog een beetje schaduw was, kwam er een man van de camping de bbq schoonmaken. Hij vroeg ons naar de plannen voor vandaag. We raakten aan de praat en hij gaf ons nog wat tips. Eigenaardige vent, maar erg aardig. Hij bevestigde ook dat het zeker was dat Melin een dingo had gezien. Ze komen hier altijd om het vuinis te doorzoeken. Na het ontbijt snel opruimen en douchen, want het was al na 10-en door al dat geklets. Een halfuurtje rijden bracht ons bij de eerste stop van vandaag. Een wndeling van ca. 1,5 km langs rotsen met aboriginalkunst en een klim naar een lookout over het Nourlangie-gebied. Erg mooi met interessante weetjes over de denkbeelden van de aboriginals over bepaalde rotsen in de buurt.

Het was al begin van de middag en het begon echt heet te worden. We besloten nog 1 wandeling te doen in de buurt, een klim van 600 meter over platte rotsen met bovenop een prachtig uitzicht over de Nourlangie en de Anbangbong-billabong. Een klein stukje verder rijden lag het Warradjan Aboriginal Cultural Center, een infocenter war je te weten komt hoe de aboriginals leefden en leven en hun denkwijze over moeder natuur.Een paar km verderop lag Cooinda. Daar lag een resort met campground, zwembad, supermarkt en benzinestation. ff checken wat een plekje kost. Het was aan de prijs, mar het was zo warm en we hadden niet zo veel zin meer om verder te rijden. Dus pplekje gezocht, zwemkleding aan en een duik in het zwembad. Deze lag helaas vol in de zon, dus echtkoel was het water niet. Na het zwemmen hadden we mooi tijd om even te relaxen. Melin ging verhaaltjes schrijven en WJ de krant lezen. Daarna ging hij ff checken of hij het portier linksachter kon maken, want als je de auto op slot deed, kon je met de deurhendel aan de buitenkant allles van het slot halen, niet handig. Maken lukte niet, het palletje van het dingetje van het hendeltje was kapot, maar hij orgde er wel voor dat hij niet meer van buitenaf opengemaakt kon worden.

Inmiddels begon het steeds harder te waaien en dat betekende storm. Gerommel van ver kwam steeds dichterbij. Tegen de tijd dat we buiten zaten te koken, kwam het met bakken uit de lucht en zaten donder en bliksem elkaar op de hielen. De campkitchen zat vol, dus daar konden we niet heen vluchten. WJ maakte een constructie met het zeiltje en we zaten redelijk droog. Later werd het gelukkig droog en konden we de boel opruimen. Deze bui had de lucht flink laten afkoelen, dus dat was wel lekker voor de slaaptemperatuur in de auto. Fijne pakjesavond allemaal!

6 december
Terwijl de duitsers en belgen naast ons al aan het inpakken waren en klaar om te gaan, deden wij ’t rustig aan. Giisteren hadden we de belgische meiden bijna op alle plekken gezien, dus een beetje afstand kon geen kwaad. We gingen nog even lekker zwemmen en daarna ontbijten. Iets over 10-en reden we weg. Het beroemde Yellow Water zat in de buurt, dus daar reden we heen. Dit water staat bekend om z’n krokodillen-cruises. Die waren een beetje duur en we hadden al een croc in het echt gezien, maar er was ook verhoogd looppad (boardwalk) waarmee je over het drassige wetland liep. Het was heel rustig, stil, alleen vogels, eendjes, ganzen en een paar happende vissen. Geen crocs helaas, maar het gebied was erg mooi.

We zaten al bijna aan het einde van het National Park, maar we wilden nog wel een wandelingetje doen. Niet te lang, want het werd al weer aardig heet. Een 2km track door wat droog regenwoud die we binnen 40 minuten hadden afgelegd. Niet echt bijzonder. We kwamen langs nog een laatste uitkijkpunt. We reden het weggetje in, maar stuitten op een diepe plas en omgevallen boom, waar we niet met de auto langs konden. Volgens de route in het Kakadu-boekje, was het uitkijkpunt maar 400mtr lopen. We hebben de auto dus aan de kant gezet en zijn lopend verder gegaan. Een paar omgevallen bomen verder en een wandeling van toch nog 10 minuten, waren we er. Het gaf uitzicht over het oude Goodparla Station, oftewel, bergen en bomen. Vanaf hier was het nog 20km tot het einde van het park. Daar stond het Mary River Roadhouse, waar we nog even een kijkje in de rivier waagden voor een croc… ze hadden zich goed verstopt. Helaas is het vanaf hier tot aan Katherine (150km) dezelfde weg terug als we vanuit Alice Springs richting Darwin hebben genomen.

In Katherine hebben we boodschappen gedaan en overnacht op een camping een paar km buiten de stad. Het was een homestead met een actieve cattle-station en een aardig oud vrouwtje stond ons te woord. Het was een klein kantoortje, buiten stonden kooien met vogels, een groot grasveld en veel ‘gedoe’. Geweldig zo’n homestead! WJ wil dit later ook ;-) De camping leek zo rustig… maar verderop stonden vaste campers die onderling ruzie hadden. Het was duidelijk aboriginals tegen aussies. Er liep er zelfs een met een honkbalknuppel rond. Ook waren er veel honden, waarvan een stel ook de grootste ruzie had met elkaar. Gelukkig hadden wij er niet heel veel last van. We hebben lekker gekookt, fotos gekeken en een beetje in het donker zitten staren en luisterne naar alle beesten om ons heen.